Slechthorend

Goedenavond meneer Frederiksen, ik ben zuster Braaksen, van de pedicure. Herkent u mij nog? Zuster Braaksen, met een n aan het einde. Ik zeg het er maar even bij want ik zie in uw status dat u wat dovig bent. Wat ik zei, meneer Frederiksen? Dat u wat dovig bent, slechthorend zeg maar, meneer Frederiksen. Ja, dat is vervelend, ik weet het. Ik zeg altijd maar: Het leven komt met ongemakken. Waarmee het leven komt? Met ongemakken, dus. En bleef het dan maar bij slechthorend, vaak wordt het ook écht doof. Écht doof, meneer Frederiksen. Dus dat je helemaal niks meer hoort. En dat leidt dan weer tot sociaal isolement. Ja, inderdaad, u hoort het goed, sociaal isolement. Isolement ja. En dan ben je, bent, in dit geval, u nog veel verder van huis. Nee, u bent nu niet écht verder van huis, u bent gewoon thuis, nou ja, in een verzorgingshuis, maar dan wel uw helemaal vertrouwde eigen verzorgingshuis, meneer Frederiksen, dus maakt u zich vooral niet ongerust, u hoort alleen niet zo best. En daarom ben ik nu hier. Om daar iets aan te doen. Want het leven komt dan wel met ongemakken, maar in uw geval valt het nogal mee. In uw geval, ……. luistert u nog meneer Frederiksen? In uw geval valt het nogal mee. Ik zeg oorsmeer, meneer Frederiksen, oorsmeer en daar ga ik wat aan doen. Wat aan doen. Waarom ik niet voor uw voeten kom? Ik ben een zuster, nee inderdaad niet uw zuster, ik ben ‘n zuster en in die hoedanigheid doe ik voeten, oren, billen en allerlei andere lichaamsdelen. Ja, meneer Frederiksen, dat ook, maar dan wel in mijn rol van zuster. Dus meneer Frederiksen, ik ga nu even met uw oorsmeer in de weer. Ja, meneer Frederiksen, dat rijmt. Goed gehoord.