Eerder gepubliceerd op de website van Meer Vandaag, lokale omroep Meerssen, in de rubriek Min of Meer.
Zaterdag, laat in de middag, voelde het als een Franse vakantie. De zon stoofde, de lucht stond stil. Het groen van de planten wordt al dieper, zoals het hoort als de zomer op stoom komt. In de weiden rond het huis breekt het droge geel van het nog te oogsten gras voor de winter door. Het waren grijze, natte weken maar daar heeft alles wat groeit en bloeit een lekkere opdonder van gekregen. Goed voor de groei, goed voor de kleur, goed voor de vitaliteit. Lavendel, vlinderstruiken, tijm, hortensia, campanula, kamperfoelie, het staat er allemaal fris en fruitig bij. Volgend jaar planten we in elk geval nog kattenkruid en duizendknoop. We begroeten de vlinders, bijen, hommels.
We wonen een beetje buiten het dorp, dicht tegen de weiden en een bos aan. In de loop van de jaren is een aantal weiden wat aan het verwilderen gegaan. Het aantal verschillende soorten kruiden en grassen neemt hand er over hand toe. En nu ook in ons grasveldje dat enkele jaren geleden nog gazon mocht heten. We laten het min of meer gecontroleerd gebeuren. Steeds vaker zien we daar nu ook de sporen van wat in sprookjes wilde dieren heet. Een drol van een vos, een verdwaald tapijtje van duivenveren – de duif de prooi van de buizerd, vermoed ik – graafsporen van woelmuizen en mollen, heel soms een uilenbal.
Heel veel thuis zijn is voor ons geen straf, de reden waarom, la Corona, een mispunt. Zo nu en dan breken we er even uit. We ruilden afgelopen week huis met een van onze zonen. We fietsten in Noord-Limburg in het gebied rond V. Fijn dat er weer wat meer kan. Terrasje, kindervakantiewerk, musea, dierentuinen, speeltuinen en zwembaden weer open, bibliotheek steeds verder open. Maar, het blijft behelpen, vind ik. Het blijft op eieren lopen met die mondkapjes, gelletjes, handschoentjes, spatschermen – ontwijken, kushandjes, handen wassen, zwaaien, voetbegroeting, elleboogstootjes, handhartjes …….. Gedoe, vooral veel gedoe. Was er maar al een vaccin.
Terwijl ik zaterdag in Franse sferen zit te lezen – over de depressie van iemand anders, echt een boek om onder het regime van La Corona te lezen #nietdus – doet voortdurend hetzelfde sprinkhaantje pogingen op mijn dijbeen te springen. Ik weet dat er in het grasveldje in de boventuin een flink aantal huist en dit geval moet zichzelf met een duizelingwekkende sprong de diepte van de patio in gelanceerd hebben. En is nu de weg kwijt. Zou die niet weer naar boven willen? Dat zal dan via de planten tegen de keermuur, blad voor blad, trede voor trede moeten. Hoeveel geluk gaat zo’n beestje nodig hebben? Gedoe, het is vooral veel gedoe. Als ik het straks weer zie, zal ik het even helpen.
Min of Meer – 22 juli 2020 – week 30